Nederland telt duizenden hectares aan natuurgebied, beheerd door tientallen terreinbeherende organisaties (TBO’s). Deze organisaties variëren van grote spelers zoals Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten tot regionale landschappen zoals Brabants Landschap of Het Drentse Landschap. Jaarlijks gaan er aanzienlijke publieke én private geldstromen naar het natuurbeheer. Maar hoe groot zijn die budgetten eigenlijk? En wie betaalt ze?
Dit artikel brengt de totale geldstromen naar de TBO’s in kaart en zoomt specifiek in op de financiën van Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten.
TBO’s ontvangen geld uit zes hoofdbronnen
De financiering van terreinbeherende organisaties komt ruwweg uit de volgende geldstromen:
- Rijksbijdragen via het ministerie van LNV
- Provinciale subsidies, met name via het Subsidiestelsel Natuur en Landschap (SNL)
- Europese fondsen zoals GLB-gelden en LIFE-projectsubsidies
- Donaties van particulieren (waaronder legaten en adoptieprogramma’s)
- Bijdragen van de Nationale Postcode Loterij en andere goede doelenloterijen
- Eigen inkomsten zoals houtverkoop, pacht, excursies, horeca en educatie
Een ruwe raming van deze totale geldstromen ziet er als volgt uit:
| Bron | Jaarlijkse schatting (miljoen euro) | Opmerkingen |
|---|---|---|
| Rijksoverheid | 450–500 | Inclusief opdrachten aan Staatsbosbeheer en bijdragen aan SNL |
| Provincies (gezamenlijk) | 300–500 | Voor natuurbeheer, aankoop en ontwikkeling |
| EU-projectsubsidies | 100–150 | GLB, LIFE, Interreg en andere programma’s |
| Loterijgelden | 40–50 | Vooral Postcode Loterij |
| Donaties & legaten | 30–50 | Vooral voor Natuurmonumenten en provinciale landschappen |
| Eigen inkomsten | 50–100 | Houtverkoop, pacht, horeca, excursies |
Opgeteld komt dit uit op een jaarlijks totaal tussen de € 970 miljoen en € 1,35 miljard voor alle TBO’s samen.
Staatsbosbeheer: een hybride organisatie met rijksbasis
Staatsbosbeheer is een zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) en beheert ongeveer 273.000 hectare natuurgrond. Het ontvangt jaarlijks het overgrote deel van zijn middelen van het Rijk. Daarnaast verdient Staatsbosbeheer ook aan houtproductie, grondverhuur, excursies, horeca en samenwerking met bedrijven. In 2023 lagen de totale baten van Staatsbosbeheer rond de € 278 miljoen, waarvan het overgrote deel voortkomt uit:
| Inkomstenbron | Bedrag (miljoen euro) |
|---|---|
| Rijksoverheid | ca. € 160–180 |
| Eigen inkomsten | ca. € 80–90 |
| Provincies en projecten | ca. € 10–20 |
Staatsbosbeheer werkt steeds vaker op projectbasis samen met provincies of externe partijen, bijvoorbeeld bij natuurherstel in Natura2000-gebieden, stikstofmaatregelen of recreatieve inrichting van gebieden.
De organisatie telt ongeveer 1.400 medewerkers en werkt daarnaast met meer dan 8.000 vrijwilligers.
Natuurmonumenten: een ledenorganisatie met brede financiering
Natuurmonumenten is een vereniging met ongeveer 870.000 leden en beheert zo’n 108.000 hectare natuurgrond. In tegenstelling tot Staatsbosbeheer is het geen overheidsinstelling, maar een particuliere organisatie. Het geld komt uit een veelheid van bronnen: ledenbijdragen, loterijen, donaties, fondsen en overheidsprojecten.
De begroting van Natuurmonumenten in 2023 bedroeg ongeveer € 156 miljoen. Een uitsplitsing van de belangrijkste inkomsten ziet er als volgt uit:
| Inkomstenbron | Bedrag (miljoen euro) |
|---|---|
| Ledenbijdragen | € 27 |
| Postcode Loterij | € 13,5 |
| Donaties en legaten | € 6,5 |
| Projectsubsidies (o.a. Rijk/Provincie/EU) | € 96 |
| Overige inkomsten (verhuur, winkels, horeca) | € 13 |
Natuurmonumenten onderscheidt zich dus van Staatsbosbeheer door de hoge mate van private financiering: ongeveer 40% van de totale inkomsten komt uit particuliere en fondsenwervende bronnen. Tegelijkertijd is het aandeel van publieke projectsubsidies aanzienlijk gegroeid, mede door samenwerking met provincies en EU-programma’s. De organisatie telt ongeveer 800 medewerkers, aangevuld met duizenden vrijwilligers en actieve leden.
De provinciale landschappen: stille grootmachten
Naast SBB en Natuurmonumenten vormen de twaalf provinciale landschappen een belangrijke derde pijler in het Nederlands natuurbeheer. Samen beheren zij ruim 120.000 hectare en ontvangen hun geld vooral via de provincies, aangevuld met loterijgelden en donaties. Jaarverslagen van bijvoorbeeld Het Zuid-Hollands Landschap, Brabants Landschap of Landschap Overijssel laten jaarbudgetten zien tussen de € 10 en € 30 miljoen per landschap. In totaal komt het gezamenlijke budget van de provinciale landschappen op circa € 400 tot 500 miljoen per jaar.
Conclusie: natuurbeheer is groot én publiek-privaat
Het jaarlijkse Nederlandse budget voor natuurbeheer via de TBO’s bedraagt in totaal rond de 1 tot 1,35 miljard euro. Dit is verdeeld over honderden projecten, beheercontracten, ledenbijdragen en loterijgelden. Twee derde van dit bedrag komt uit publieke middelen (rijk en provincies), terwijl de rest voortkomt uit EU-subsidies, giften en eigen verdienvermogen.
Staatsbosbeheer draait vooral op rijksmiddelen, met aanvullende inkomsten uit de markt. Natuurmonumenten heeft een meer hybride model, met sterke inkomsten uit leden en donateurs, maar ook stevige projectsubsidies. De provinciale landschappen worden vooral gefinancierd door hun provincie, maar doen steeds vaker mee aan nationale en internationale programma’s.
Wie denkt dat natuurbeheer louter liefhebberij is, vergist zich: het is een sector met honderden miljoenen euro’s aan inzet — en met duizenden mensen die zich professioneel en vrijwillig inzetten voor het landschap van morgen.

Plaats een reactie