In het Nederlandse stikstofdebat wordt vaak gesproken over modellen, maar zelden met de nuance die nodig is om ze goed te begrijpen. Eén van de wetenschappers die zich daar al vroeg en consistent over heeft uitgesproken, is prof. dr. Wim de Vries, hoogleraar Milieusysteemanalyse aan Wageningen University & Research (Eerder op Stikstofinfo: Link1, Link2, Link3, Link4 en vooral de (kleine) verschillen in visie tussen WdH en WdV). In zijn essay “Politiek en het gebruik van modellen” maakt De Vries een fundamenteel onderscheid dat in het huidige stikstofbeleid vrijwel volledig is verdwenen: het verschil tussen modelgebruik voor analyse en beleid enerzijds, en modelgebruik voor individuele vergunningverlening anderzijds .
Modellen zijn geen waarheidsmachines
De kern van De Vries’ betoog is even eenvoudig als ongemakkelijk voor beleidsmakers: alle modellen zijn per definitie onvolmaakt. Ze zijn een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid, gebaseerd op aannames, gemiddelden en beperkte data. Dat maakt ze niet waardeloos, maar wel doelgebonden. Een model kan uitstekend functioneren voor het ene type vraag, en volledig ongeschikt zijn voor een ander type vraag.
De Vries waarschuwt expliciet tegen twee uitersten. Aan de ene kant is er het kritiekloos verheffen van modeluitkomsten tot absolute waarheid – “de wetenschap spreekt”. Aan de andere kant is er het populistische afwijzen van modellen als “ook maar een mening”, enkel omdat de uitkomst politiek of maatschappelijk onwelgevallig is. Beide houdingen ondermijnen rationeel beleid .
Zijn centrale stelling: modellen zijn nuttig, zolang ze niet worden overvraagd.
Wat AERIUS wél een beetje kan
Toegepast op het stikstofdossier is De Vries opmerkelijk helder. Het RIVM-model OPS/AERIUS is volgens hem wetenschappelijk voldoende tot goed voor een aantal specifieke toepassingen. Met name voor:
- het bepalen van landelijke en regionale gemiddelden van stikstofdepositie;
- het berekenen van relatieve bijdragen van sectoren (landbouw, verkeer, industrie, buitenland);
- het ondersteunen van strategisch beleid op nationaal niveau.
Die conclusie baseert hij mede op de bevindingen van de Commissie Hordijk, waarin hij zelf zitting had. Die commissie stelde vast dat er op honderden meetlocaties een redelijke overeenkomst bestaat tussen modelberekeningen en metingen, mits men kijkt op het schaalniveau waarvoor het model is ontworpen. Kortom per groter regio, provincie of landelijk.
Wat AERIUS níét kan: vergunningverlening
Waar De Vries glashelder wordt – en waar het stikstofbeleid structureel ontspoort – is zijn oordeel over het gebruik van AERIUS bij vergunningverlening. Dat gebruik noemt hij expliciet niet doelgeschikt.
Vergunningverlening vraagt om uitspraken op extreem fijn schaalniveau: een toename van soms 0,005 mol stikstof per hectare per jaar, op een specifiek stukje Natura 2000-gebied, veroorzaakt door één individueel project. Volgens De Vries overschrijdt dat fundamenteel de nauwkeurigheid van het model. De onzekerheden zijn op dat detailniveau groter dan het effect dat men denkt te berekenen .
Hij vergelijkt dit met een weersverwachting: het is goed mogelijk om te voorspellen of het morgen gemiddeld regent in Nederland, maar volstrekt onbetrouwbaar om te voorspellen of er morgen tussen 14:00 en 15:00 uur precies 0,1 tot 0,2 mm regen valt op een vakje van 100 bij 100 meter. Wie dat toch probeert, stelt een vraag die het model eenvoudigweg niet kan beantwoorden.
Nauwkeurigheid is geen detail, maar een randvoorwaarde
Een cruciale passage in het essay van De Vries is zijn algemene regel:
hoe meer detail in ruimte of tijd wordt gevraagd, hoe onbetrouwbaarder het modelresultaat .
Dat is geen nuance, maar een harde wetmatigheid in systeemmodellering. En precies die wetmatigheid wordt in het stikstofbeleid genegeerd. Door AERIUS te gebruiken voor individuele vergunningbesluiten wordt het model niet alleen overvraagd, maar ook juridisch verabsoluteerd. Daarmee wordt onzekerheid niet erkend, maar weggedefinieerd.
Volgens De Vries leidt dit tot verkeerde beleidsconsequenties. Niet omdat het model slecht is, maar omdat het voor een verkeerd doel wordt ingezet. De vergunningverlening op basis van minimale rekenkundige overschrijdingen is daar het schoolvoorbeeld van.
Politiek misbruik van wetenschappelijke precisie
Een tweede belangrijk punt in De Vries’ analyse is dat wetenschappelijke onzekerheid in het politieke debat vaak verkeerd wordt gebruikt. Enerzijds wordt bij stikstofmodellen elk onzekerheidsinterval gezien als reden tot wantrouwen. Anderzijds worden kleine numerieke verschillen in uitkomsten – bijvoorbeeld tussen sectoren of projecten – gepresenteerd alsof het harde feiten zijn.
Die selectieve omgang met modelresultaten noemt hij gevaarlijk. Zeker wanneer organisaties zonder voldoende deskundigheid, maar mét duidelijke belangen, modeluitkomsten bekritiseren of juist omarmen. Wetenschappelijke betrouwbaarheid wordt dan ingeruild voor politieke bruikbaarheid .
De impliciete boodschap voor het stikstofbeleid
Hoewel De Vries zich in zijn essay terughoudend opstelt en geen beleidsvoorstellen uitwerkt, is de impliciete boodschap helder. Een vergunningensysteem dat leunt op modeluitkomsten buiten hun betrouwbaarheidsdomein is bestuurlijk en juridisch kwetsbaar. Het creëert schijnzekerheid, blokkeert economische ontwikkeling en ondermijnt het vertrouwen van burgers en boeren in wetenschap en overheid.
Zijn oproep is niet om modellen terzijde te schuiven, maar om ze op de juiste schaal en voor het juiste doel te gebruiken. Laat modellen richting geven aan beleid, niet beslissen over individuele bedrijven op basis van rekenkundige ruis.
Een stem die beter gehoord had moeten worden
In het huidige stikstofdebat worden de woorden van Wim de Vries opvallend weinig geciteerd, terwijl ze precies raken aan de kern van het probleem. Niet stikstof op zichzelf, niet de landbouw als zondebok, maar het bestuurlijk misbruik van een model dat meer belooft dan het kan waarmaken.
Wie zijn analyse serieus neemt, kan nauwelijks anders concluderen dan dat het stikstofbeleid vastloopt, niet ondanks de wetenschap, maar door een verkeerd begrepen wetenschap.

Plaats een reactie