De Rol van Beheer in het Behoud van Drentse Heide: Een Historische en Ecologische Analyse (Ronald Zom)

De vergrassing van de Drentse heide, zoals door Ronald Zom op 5 augustus werd besproken, werpt nieuw licht op de relatie tussen menselijk beheer en ecologische balans. Historisch gezien speelden schapen een cruciale rol in het behoud van heidevelden. Rond 1860, vóór de opkomst van kunstmest, waren er in Drenthe circa 140.000 schapen, wat neerkomt op een dichtheid van 1,1 schaap per hectare heide. De mest van deze schapen en de praktijk van plaggen droegen bij aan een dynamisch evenwicht waarin stikstof uit het systeem werd afgevoerd, waardoor vergrassing werd voorkomen.

De Stikstofbalans van Schapen

Volgens Zom kan een Drents heideschaap van 60 kilogram, met gemiddeld 1,5 lam per ooi en een jaarlijkse productie van 3 kilogram wol, ongeveer 2 kilogram stikstof per jaar vastleggen in dierlijk weefsel, zoals vlees, wol en melk. Om dit te bereiken, consumeert een schaap jaarlijks ongeveer 580 kilogram droge stof, waarvan 12% ruw eiwit bevat. Dit komt neer op een opname van 69,9 kilogram ruw eiwit, gelijk aan 11,2 kilogram stikstof per schaap per jaar.

Van deze 11,2 kilogram stikstof wordt slechts 7,3 kilogram verteerd en opgenomen door het dier. Hiervan wordt 2 kilogram vastgelegd in weefsels, terwijl de rest wordt uitgescheiden: 5,3 kilogram via urine en 3,9 kilogram via mest. Schapen die in gescheperde kuddes worden gehouden, brengen ongeveer tweederde van hun tijd door in de stal en de rest op de heide. Dit betekent dat er jaarlijks 6,2 kilogram stikstof (urine en mest) van de heide naar de stal wordt overgebracht.

De aanwezigheid van schapen leidt ook tot lokale stikstofbelastingen op de heide, met name door urineren. Onderzoek van Fottner et al. (2007) op de Lüneburger Heide wijst uit dat dit resulteert in een jaarlijkse uitspoeling van ongeveer 2,2 kilogram stikstof per hectare in de vorm van nitraat. Dit nitraatverlies is een belangrijk aspect van de stikstofcyclus, maar tegelijkertijd wordt via schapen jaarlijks gemiddeld 8,2 kilogram stikstof per schaap afgevoerd van de heide.

De Cruciale Rol van Plaggen

Naast de stikstof die via schapen wordt afgevoerd, speelde het afplaggen van de heide een essentiële rol in het behoud van het landschap. Plaggen werden gebruikt als strooisel in de potstallen en droegen bij aan de vruchtbaarheid van omliggende akkers. Onderzoek van Niemeijer et al. (2007) laat zien dat het afplaggen van de organische bovenlaag van de heide (de bovenste A-horizont) jaarlijks ongeveer 1000 tot 1100 kilogram stikstof per hectare verwijderde. Omgerekend betekent dit dat per schaap gemiddeld 10 tot 11 kilogram stikstof werd afgevoerd door plaggen.

In totaal werd er rond 1860 per schaap jaarlijks circa 20 kilogram stikstof van de heide verwijderd

Geef een reactie op De wolf en de heide: hoe schaapsbegrazing verdwijnt in Groningen en effect op de Natuur. – StikstofInfo.net – Alles over Ammoniak en stikstofverbindingen Reactie annuleren

Eén reactie

  1. […] Schaapskuddes zijn eeuwenlang een onmisbaar onderdeel geweest van het Nederlandse heidelandschap. Schapen begrazen jonge boompjes en grassen en voorkomen zo dat de heide dichtgroeit. Zonder deze natuurlijke begrazing vergrast en verbost het gebied, wat negatieve gevolgen heeft voor de biodiversiteit. […]

    Like