De vierde golf: hoe Nederland in een stikstofcrisis belandde aldus Erisman (DNW, 2022)


Dit is een samenvatting van een longread op food4innovations.blog

Volgens hoogleraar milieu en duurzaamheid Jan Willem Erisman ligt het stikstofprobleem voor 90 procent in Den Haag, niet in de natuur. In een gesprek bij De Nieuwe Wereld schetst hij de stikstofcrisis als de vierde maatschappelijke golf in zeventig jaar landbouwbeleid — na de golven van stank, dierziekten en waterkwaliteit.

Na de Tweede Wereldoorlog werd de landbouw doelbewust geïntensiveerd. Dankzij kunstmest, schaalvergroting en exportgericht beleid groeide Nederland uit tot een wereldspeler. Maar die economische kracht ging gepaard met ecologische overbelasting. De veehouderij produceerde meer stikstof dan de bodem en natuur konden verwerken.

De uitspraak van de Raad van State in 2019, die het PAS ongeldig verklaarde, was volgens Erisman het logische gevolg van decennia beleid zonder langetermijnvisie. “We hebben een landbouwsysteem gebouwd dat lineair en exportgedreven is,” zegt hij. “Wat we nodig hebben is circulariteit.”

Obese natuur

De term ‘obese natuur’ vat Erismans diagnose samen: te veel stikstof leidt tot overgroei van grassen en brandnetels, waardoor kwetsbare soorten verdwijnen. Sinds 1990 daalde de ammoniakuitstoot met 65%, maar dat is onvoldoende om natuurherstel te garanderen. De melkveehouderij is nu goed voor ongeveer 60% van alle ammoniakemissies.

Dat komt niet door meer koeien, maar door productie-intensivering: de gemiddelde melkkoe produceert vandaag drie keer zoveel melk als in 1950 en verbruikt meer krachtvoer, wat leidt tot meer stikstof.

Boeren in de knel

Boeren zitten klem tussen politiek en praktijk. Investeringen in stallen en machines worden gedaan voor tientallen jaren, terwijl het beleid elke kabinetsperiode verandert. Die onzekerheid voedt het wantrouwen. “Boeren moeten meebewegen met doelen die steeds verschuiven, maar ze kunnen hun bedrijf niet omgooien van de ene op de andere dag,” aldus Erisman.

Van KDW naar handelingsperspectief

Het juridisch en beleidsmatig vasthouden aan Kritische Depositiewaarden (KDW) is volgens Erisman niet houdbaar. Hij pleit voor gebiedsgericht beleid met concrete doelen per hectare, zodat boeren zelf keuzes kunnen maken binnen duidelijke kaders. Dat zou meer recht doen aan de diversiteit van bedrijven en landschappen.

Tegelijkertijd wijst hij erop dat 30 à 35% van de stikstofdepositie uit het buitenland komt. Zelfs bij een forse reductie in Nederland blijven veel natuurgebieden kwetsbaar. Dat vraagt om Europese samenwerking en realistische doelen.

De weg vooruit

De oplossing ligt volgens Erisman in circulaire landbouw: mest opnieuw waarderen als voedingsstof, minder afhankelijk worden van geïmporteerd veevoer, en boeren een eerlijke prijs geven voor duurzame productie. Projecten zoals op Schiermonnikoog tonen aan dat dit werkt (WdH: inmiddels weten we van niet …) — mits de markt meebeweegt en de overheid consistent beleid voert.

De stikstofcrisis is daarmee meer dan een milieuprobleem; het is een systeemcrisis. Ze vraagt om een visie die landbouw, natuur en economie weer in balans brengt. Zoals Erisman het samenvat: “Het is geen kwestie van schuld, maar van richting. Alleen als we het geheel durven herzien, kunnen we werkelijk vooruit.”

Plaats een reactie